I00082 (I00082)
Research & Development Informatiekunde 3*
< 2006/2007 > 05-02-2007 t/m 01-07-2007 () L
Informatiekunde - Bachelor (2003) Onderzoek en reflectie (6 ec)
omvang
6 ec (168 uur) : 2 uur plenair college, 0 uur groepsgewijs college, 0 uur computerpracticum, 0 uur 'droog' practicum, 15 uur gesprekken met de docent, 0 uur onderling overleg met medestudenten (werkgroepen, projectwerk e.d.), 151 uur zelfstudie
investering
6 ec * 5 u/ec + #std * (1 + 6ec * 2.50 u/student/ec)
inzet tentatief

examinator
afdeling
tijdbesteding

dr. Stijn Hoppenbrouwers
sws
30u.

docent
afdeling
tijdbesteding

Peter Achten
sws
30u.

docent
afdeling
tijdbesteding

dr. Patrick van Bommel
sws
10u.

docent
afdeling
tijdbesteding

prof. dr. Herman Geuvers
sws
10u.

docent
afdeling
tijdbesteding

prof. dr. Tom Heskes
das
10u.

docent
afdeling
tijdbesteding

dr. Pieter Koopman
sws
10u.

docent
afdeling
tijdbesteding

dr. Dick van Leijenhorst
das
10u.

docent
afdeling
tijdbesteding

prof.dr.ir. Rinus Plasmeijer
sws
50u.

docent
afdeling
tijdbesteding

prof. dr. Erik Proper
sws
15u.

docent
afdeling
tijdbesteding

prof. dr. Frits Vaandrager
sws
10u.

speciale web-site
/E.Barendsen/onderwijs/rd3/

 

De Bachelorscriptie is de afsluiting van de Bacheloropleiding. In de scriptie laat je zien dat je een relevante probleemstelling kunt formuleren en die oplossen met methoden uit de Bacheloropleiding.

Het product van je onderzoek kan van alles zijn: een artikel of literatuurstudie, maar bijvoorbeeld ook een prototype. In elk geval documenteer je je resultaten in de vorm van een scriptie.

Na een gezamenlijke start ga je zelf aan de slag met een vakdocent als begeleider.

Leerdoelen

Met de scriptie laat de student zien dat hij/zij

  • een probleem kan kiezen en inperken;
  • een bijpassende onderzoeksvraag kan formuleren;
  • een combinatie van (in de Bacheloropleiding aan de orde gekomen) wetenschappelijke methoden en/of technieken kan selecteren om het probleem op te lossen;
  • de resultaten helder kan weergeven en kan reflecteren op het oplossingsproces.

In de Bachelorscriptie staat het gebruik van methoden voorop; de inventiviteit ligt vooral in de combinatie ('breedte'). Als contrast: in de Masterscriptie ligt de nadruk meer op het zelf uitbreiden, toetsen en in complexe situaties toepassen van (geavanceerde) wetenschappelijke methoden.

Onderwerpen

Onderzoeksvraag, onderzoeksplan, scriptie

Toelichting

De Bachelorscriptie is geen "cursus", het is eerder een strak georganiseerd individueel project. Elk semester loopt er een ronde van dat project, en dus kun je aan het begin van elk semester "instappen". Als je je scriptieproject met goed gevolg hebt afgerond kun je aan het eind van het semester bij de coordinator (Stijn) een testimonium laten tekenen.

Werkvormen

We beginnen gezamenlijk met vier bijeenkomsten aan het begin van het semester. Hierin bespreken we de kenmerken van een bachelorscriptie, het formuleren van een goede onderzoeksvraag en het opstellen van een basis-onderzoeksplan. Aan het einde van de serie bijeenkomsten heeft elke deelnemer een onderzoeksvraag en een onderzoeksplan.

Na goedkeuring van het onderzoeksplan (door de begeleider en de examinator) kan hij/zij aan de slag met de uitvoering.

Het onderzoek en het schrijven van de scriptie doet elke student onder begeleiding van een NIII-docent.

De Bachelorscriptie is een individueel product. Af en toe werken studenten samen in een project, waarbij ze bijvoorbeeld verschillende kanten van eenzelfde probleem bekijken.

Vereiste voorkennis

Je hebt de voorgaande cursussen van de bachelorpleiding afgerond.

Tentaminering

De scriptie wordt beoordeeld door de begeleider samen met de examinator. (Het onderzoeksplan is tevoren door hen goedgekeurd.)

De aandachtspunten zijn:

  • probleemstelling, afbakening
  • formulering van de onderzoeksvraag
  • inzet van methoden en technieken
  • correctheid, vakkundigheid
  • originaliteit, diepgang, breedte
  • toelichting, motivatie, verantwoording
  • helderheid, doeltreffendheid van het taalgebruik
  • presentatie, structuur, verzorgdheid van de scriptie
  • zelfstandigheid en eigen initiatief.


Evaluatie: studentenquêtes ; geen docentevaluatie bekend Rendement: 15 begonnen, echt meegedaan, geslaagd met 1e kans, geslaagd totaal
Q: