*Woelewippie Onderweg* door *Annie M.~ G.~ Schmidt* met tekeningen van *Fiep Westendorp* met medewerking van de verkeerspolitie te Rotterdam *=vermande zonen -- uitgevers -- ijmuiden=* Dit is Woelewippie dan! Maar -- ik zie alleen haar voetjes... Zit daar ook een lijfje an? Ja, en ook een neus met sproetjes. Woelewippie toch! zegt Mam, moet je van je stoel afrollen? eet toch gauw je boterham anders moet je straks weer hollen. Woelewippie, zegt de pop, eet toch door en zit rechtop! Kijk, ik bind dit rode lintje om je linkerpolsje heen want je bent al zo'n groot kindje jij gaat nu naar school alln. Voordat je gaat oversteken kijk je 't eerst naar deze kant. Dan naar d'~ andere kant, begrepen? Woelewip is bijdehand! Nu naar school en let goed op. Ja, dag Mam, dag huis, dag pop! Kom eens gauw bij Woelewippie! Hondje, kom eens bij de vrouw. Heet jij Tommie.., heet je Tippie? Domme hond, wat doe je nou! Hij gaat zomaar oversteken, 't Helpt niet of ik hem al roep! Wat een onvoorzichtig hondje, IK blijf veilig op de stoep 't Hondje heeft dat niet geleerd, daarom doet hij het verkeerd. Voor die mus is 't niet gevaarlijk, hij vlgt naar de overkant. Woelewippie heeft geen vleugels maar zij heeft wel meer verstand. Kan ik hier al oversteken? Nee, o nee, wat druk is dat... Nee, ik heb eens goed gekeken, hier is nog geen zebra-pad, dus ik loop nog even door en ik steek niet over, hoor. Kijk, hier is het, Woelewippie, nog niet oversteken, kind! Weet je nog wat Mam gezegd heeft? Weet je nog van 't rode lint? Waar zit nou dat rode lintje? Juist, dat is je linkerhand. Eerst dus naar DIE kant uitkijken en NU naar de and're kant Daar komt nog een auto aan, blijf dus rustig even staan. Kijk, nu is er zoveel ruimte, nu rijdt er geen auto meer. Nu kan Woelewippie 't wagen. Ze kan over in n keer. En niet hollen! en niet rennen! Maar ze stapt wel stevig door. En twee poezen, die haar kennen, zeggen: Dat is dapper hoor. Woelewippie.. EEN, TWEE HOEP staat weer veilig op de stoep. Daar is weer een zebra-paadje maar nu met een lichtje... hee... in dat lichtje staat een ventje en dat ventje dat zegt: nee! Waarom zegt ie `nee', dat ventje? Nou, het licht is rood.. dat spreekt. 't Zwarte ventje zegt dus dreigend: Pas op, als je oversteekt! Strakjes mag je het wel doen, wacht maar, strakjes is het groen. Woelewippie blijft dus wachten, heel geduldig op de stoep. 't blijft heel lang, dat rode lichtje. Maar dan plotseling.. ja, FLOEP! Kijk, nu is het groen, dat lichtje en nu roept dat ventje: JA, Woelewip mag oversteken. Best hoor, zegt ze dan. Ik ga. Maar kijk TOCH nog uit, ALTIJD, Even, voor de zekerheid. Kijk, hier zijn geen zebra-strepen. Toch moet ik hier over gaan, maar niet vlak achter die auto, nee, een flink eind er vandaan. Kijk naar links (het rode lintje), Doe drie stappen op de weg. Kijk dan rechts. Ja, langs die auto. Komt er niets? Goed kijken, zeg. Nee, van beide kanten niets. Ook geen brommer, zelfs geen fiets! Nee mevrouw, zegt Woelewippie, U doet helemaal verkeerd. U moet achterom OOK kijken, hebt u dat dan niet geleerd? Kijk, er KAN een auto komen daar vandaan, ja echt, mevrouw. Houdt u mij maar even vast hoor zo bijvoorbeeld, aan mijn mouw. Zo mevrouw, nu gaan wij samen. Dank je, liefje, zegt de dame. Aan de overkant staat Joke, 't is een meisje uit haar klas en die staat heel hard te zwaaien met haar groengeruite das. Kom je? gilt ze. Toe dan, kom je? Woelewippie schudt van nee. Tussen auto's oversteken? Wat een heel erg dom idee! Nee, ik weet wel wat ik doe, ik ga eerst naar 't kruispunt toe. Woelewippie is gaan zitten, zomaar, midden op de stoep. Om haar heen staan al de mensen. Kijk eens, 't is een hele groep. Waarom huil je? vraagt de bakker, 'k zie een traan op elke wang... Ach, die arme Woelewippie is gewoon een beetje bang. 't Is ook druk hoor, dat verkeer en ze durft niet zo goed meer. Daar is Daan. Dat is een vriendje en hij pakt haar bij de hand. Zo, nu gaan we lekker samen, samen naar de overkant. Kom maar mee, we kunnnen over. Alle auto's staan nu stop voor de rode lichten, zie je? Maar wij passen TOCH nog op. Kijk naar rechts, zegt kleine Daan, komt er OM DE HOEK niets aan? Ha, hier staan de brigadiertjes, ieder met een spiegelei, Ja, ze staan er met z'n viertjes en de school is nu vlakbij. Tjonge... denken al de auto's: Dat is ook geen kleinigheid, laten we geduldig wachten want dit duurt een hele tijd, Kinderen, stap stevig door, maar vooral niet hollen hoor! Kijk, de deuren staan al open. Zie je wel, juf staat er al. Woelewippie wil gaan spelen want Josientje heeft een bal. Wat een herrie! Hoor ze schreeuwen! Een kabaal, van hei en hee! Nou is 't uit, en gauw naar binnen in de rij en twee aan twee. Joop, trek niet aan Lientjes haren! En die bal zal juf bewaren. Alle kindertjes zijn binnen. Woelewippie kijkt in 't rond. Naast haar zitten haar vriendinnen, eentje bruin en eentje blond. Alle plantjes krijgen water, alle visjes krijgen voer en wat krijgen alle kinders? Melk! En daarvan word je stoer! Heel erg stoer en heel erg sterk. Kom, zegt juf, en nu aan 't werk.